Kantlijn in quarantainetijd | Maandag 30 maart 2020

Bijgewerkt: mei 18

Les van Jean

Keuze uit vier opdrachten.


Opdracht 1: Probeer je de ergste plek te herinneren. Beschrijf de plek. Hou het in eerste instantie bij de zintuigelijke gewaarwordingen, dus; wat zie je, wat ruik je, wat hoor je, wat voel je. 

Nu doen we hetzelfde. Maar we beschrijven een plek waar je licht was, vrolijk, hoopvol, getroost, compleet, gezien, verbonden. De mooiste plek.

Opdracht 2: Probeer jezelf te beschrijven, maar probeer alles enorm zwaar aan te zetten, zodat het een parodie wordt. Blaas alles enorm op: iedere karaktereigenschap, eigenaardigheid, bezigheden.

Opdracht 3: Maak een gedicht met de titel 'Je bent van licht gemaakt'.

Opdracht 4: Stel je iemand voor die niet meer in je leven is. Beschrijf gedeelde gebeurtenissen. Onthoud: God zit in de details. Het zijn altijd de details die je hart optillen. Of breken.

Ik ben op deze plek (deel 1)


Het keldergebouw of wat er voor door moet gaan is zeer mistroostig.

Overal kieren waar de wind doorheen blaast.

Vochtig ook; ik weet dat dit nooit verdwijnt, dat weet ik zeker.

Vies en smerig, glibberig doordat het lijkt dat dit nooit schoon wordt gemaakt. Er was geen bank of stoel, wel een opstaand randje waar je eventueel op kon zitten. De lucht die je in ademt kon je nauwelijks lucht noemen een soort verrotting. Het is donker en heb het idee het te aanvaarden dat het is zoals het is.

Ik heb te weinig kleding aan. Veel te weinig om in deze omgeving ooit warm te worden. Mijn huid is schilferig geworden zonder wasgelegenheid. Probeer er mee om te gaan; verzet helpt toch niet en maakt het alleen maar moeilijker.

Het is zoals het is, hou ik me voor de zoveelste keer voor.

Mijn rug voelt als een betonnen plaat.

IJskoud , geen beweging in te krijgen. Hoe kom ik hier uit???

Niet teveel nadenken, het niet moeilijker maken dan het al is.

Waardoor ik hier beland ben – en met mij wat vrouwen zie ik nu door het schaarse licht – weet ik maar al te goed.

Wij pikten het niet om in de gevestigde orde” mee te lopen. Hadden ons eigen wijsheid wat de goegemeente angstig vond. Te gevaarlijk.

Dus wachtte voor ons het schavot begreep ik. De hoop dit te ontlopen werd steeds ongeloofwaardiger.


- Ada Klootwijk

Ik ben op deze plek (deel 2)


Wat een feest met deze prachtige blauwstralende lucht.

Alles zindert van schoonheid.

De lente is begonnen. Jonge scheuten van struiken en bloemen schoten de grond uit.

Alles ontwaakt ook in mij. Een intens geluksgevoel overweldigd me.

Mijn lijf voelt vederlicht alsof , trillend van vreugde, het gevoel heb deze uitdaging aan te gaan. In gedachten hoor ik de berg met me praten, zo van: maak gebruik van mij, beklim mij.

Gehoor gevend aan mijn verlangen zet mijn lijf zich in beweging. Ren alsof ik een hinde ben de berg op.

Het proeft als zoete nectar en geeft mij nog meer power de berg te beklimmen.

Mijn hart kan het aan in hetzelfde tempo te blijven hollen.

Een overweldigend gevoel.


- Ada Klootwijk

Mooi jasje


Je lag midden in mijn kamer

Op ’t geleende ziekenhuisbed

Te smal voor twee,

Te smal voor ons beiden.

Toch kroop ik naast je

Het was immers je laatste nacht.

Dat kan jij je niet herinneren denk ik

Maar ik ben niets vergeten.

‘Wat doe je, wat doe je?’

Vroeg je totaal verward

En duwde wat tegen mij aan.

Je was je doodswens vergeten,

Geen notie meer van ons beider bestaan,

Of van morgen, als je het leven op zou geven.

Dat kan jij je niet herinneren denk ik

Maar ik ben niets vergeten.

Onnoemlijk zwaar was die laatste nacht

Ik wilde waken, maar was te moe voor de wacht.

Dat kan jij je niet herinneren denk ik

Maar ik, ik ben niets vergeten.

Mooi jasje, waren je laatste woorden.


- Sytske van Bochhove

Je bent van licht gemaakt,

het wit dat in allerlei kleuren

verdeeld raakt, doordat ik met 

alle mensen meeloopt, niet mee,

maar samen, ook al denkt een

 ander al gauw anders, en dat mag,

Jij bent de zon en ik de maan, 

en we laten elkaar de ruimte, die 

er is, al raken we elkaar wel aan.

Ik kan zonder jou niet schijnen,

zo zal ik verdwijnen, in het duister,

voortaan, dat denk ik als ik wegdraai,

maar elke dag zien we elkaar toch weer,

ooit zal dit aardse lichaam niet meer bestaan,

... dan breekt pas echt ... de dag aan, 

dat we *altijd* samen in de hemel staan!

Tot die tijd komt, moeten we af en toe 

eenzaam door het universum gaan.

Je bent er wel, ik ben er nog, wij zijn er!


- Adonis

Geestelijk en lichamelijk Inferno 

Verhaal met een happy ending

9 Maanden in een Inferno leven toen ik 16 jaar was

En hoe ik het gekkenhuis overleefde

Heb Doodsangst gekend in een gekkenhuis

Van God en mensen verlaten in een isoleercel

Heb die ervaringen meermaals in mijn leven ervaren

Bedoel die doodsangsten

Heb een verhaal in de Bijbel gelezen toen Jezus zei;

  " Vader waarom heeft U mij verlaten ? "  

ik begreep wat hij bedoelde.   

Ik leefde na dat gekkenhuis als een zombie

Alles binnen in me was dood

Ik wist niet beter

Het hielp ook niet dat ik van mijn achtste jaar last had

Van  mij minderwaardig voelen en faalangst had

Tot mijn zestigste jaar

Dus dat ik overspannen [eufemisme voor manisch worden, in feite was ik niet meer toerekening vatbaar]  werd

Was een gevolg van mij altijd gespannen voelen en mijn minderwaardig voelen en faalangst had

Na 8 jaar toen ik 16 werd 

Barstte de bom en met het gevolg dat ik in een inrichting terecht kwam.

Het gebeurde 50 jaar geleden in mijn jeugd

Nu ben ik 67 jaar en met pensioen

Maar de rimpelingen  van die uitbarsting voel ik nog steeds in mijn lijf

Niemand wist van mijn medisch verleden

Deed mijn werk

Niemand kon zien dat ik gek was geweest

Dat was taboe in die jaren

Daar werd niet over gesproken

Die inrichting heeft me niet genezen

Nog erger het heeft me overtuigd dat ik minderwaardig was

En niets waard was en de allerstomste ziel die op deze aardkloot rondliep

Zo leefde ik als een zombie

Ik was een loser in mijn ogen

Heb dan ook niets bereikt wat de moeite waard was om te vermelden

Misschien één ding bereikt in mijn leven

Waar ik trots op ben

Ik ben een survivor

Ben nog steeds verwonderd dat  ik niet eerder ben uit gestapt

Mijn leven is een metafoor voor ; -  Pandora's doos -

Pandora opende de doos waar alle rampen en ziekten in zaten

Maar de Hoop bleef op de bodem van de doos

Kreeg alle rampen en ziektes over me heen

Maar de hoop bleef op één andere manier in me leven.

60 Jaar lang. 

Toen kreeg 2 hartaanvallen en een herseninfarct

Heb een pacemaker en een ICD in mijn borst 

13 Pillen per dag slikken om mijn hart 

Mijn hart werkt nog maar voor één derde

Nu ben ik 67  en met pensioen

En dan kom de C-virus en de nieuwe Pest

Ben een risico-groep met mijn lichamelijk conditie

Mijn hart werkt maar voor één derde

Maar mijn geest is duizendmaal sterker geworden

Het is gelouterd door de strijd die ik heb moeten leveren

Er gebeurde iets vreemds na de 2e hartaanval en een herseninfarct toen ik 60 was

Voor mij was de maat vol toen de cardioloog zei; 

U moet een pacemaker en een ICD hebben,

Blaa Bllaa, etc.

Ik gaf de strijd op en gaf me over

Zag de zin niet in om verder te leven

Toen is mijn Ego gestorven

Hij had geen functie meer!

Wat moet een Ego met een lichaam

Waarvan de geest totaal gebroken en dood is.

De volgende dagen voelde ik me lichter worden

Of een zware last van mijn schouders gelicht was

Was alle complexen kwijt !

Was ook niet bang voor de dood

Ben 67 jaar

Ben van plan als de C-virus over is

Naar Bali te gaan

Verhalen en gedichten te schrijven en te tekenen

En misschien te leven

Als ik de tijd krijg

En daar begraven te worden

Misschien overleef ik de C-virus niet

Maar ik ben niet bang om te gaan

Kom in een volgend leven

Om mijn wensdroom af te maken.


- Ronald Pessy

Ego en Eeuwigheid


Als de mens sterft, verliest hij het bewustzijn en we zeggen dat hij is ingeslapen. Het nieuwe bewustzijn waar in de overledene is terechtgekomen, heeft echter niets met slaap te maken. Bij het sterven komt een stof vrij in de hersenen die, als de band tussen lichaam en geest verbroken wordt, het droomcentrum activeert. Dromen zijn onze eigen projecties, meestal een recycling van ervaringen, fantasieën, geloofsovertuigingen etc. 

Wat eerst optreedt is een geluksgevoel waarin de Eenheid van alles ervaren wordt. Men zou hier in willen blijven tot in alle eeuwigheid. Dat kan maar alleen als het Ego uitgeblust is. Bij bijna alle mensen wordt echter al spoedig het Ego weer actief, de persoonlijkheid herleeft. Ego dat zonder angst niet kan bestaan, en Eeuwigheid waar angst juist niet kan bestaan, gaan niet samen en deze ontmoeting leidt tot onvoorstelbare angst waaruit maar een vlucht mogelijk is en dat is de terugkeer naar dat wat niet eeuwig is, de Tijd en de Materie.   

De stof die bij de hersenen vrij komt is ook in de natuur beschikbaar. Het is te vinden in de klieren van een kikker in Mexico. Ik wilde het sterven beleven, maar het ook kunnen navertellen. Dus heb ik deze stof ingenomen. Dit heb ik beleefd.

Ik ontwaakte in een schrikaanjagende wereld. Een eindeloos landschap in over dimensionele kleuren. Geen enkele logica was er te bespeuren. Zover mijn perspectief reikte, alles drong zich aan mij op. Ik trachtte er iets van te begrijpen maar voor ik zo ver was dreef het landschap weg en verscheen een volgende en nog een volgende, alles totaal onbegrijpelijk. Ik voelde me al gauw totaal uitgeput, trachtte mijn ogen te sluiten maar tevergeefs. Ik dreigde te bezwijken, wilde alleen maar slapen. Ik realiseerde me op dat moment dat ik onsterfelijk was. Deze film zou altijd doorgaan. Maar eens, dacht ik, dan komt het einde der tijden tot ik me realiseerde dat het einde der tijden nooit zal komen. Ik zou hier blijven als toeschouwer tot ik totaal krankzinnig was geworden in alle eeuwigheid. Ik wilde huilen maar er kwamen geen tranen. Ik schreeuwde om hulp maar verder dan een zwak gekreun kwam ik niet. Er bestond gewoon niemand anders dan ik zelf. Ik oversteeg de pijngrens waarbij ieder mens het bewustzijn verliest of psychotisch wordt.  Uren gingen zo voorbij, dagen, jaren misschien wel eeuwen. Dan opeens hield de beeldenstroom op en ik hoorde hoe metaal keihard tegen metaal aan klapte en nog een keer. Het slaan van getraliede deuren in een ijskoude kerker. De geluiden waren oorverdovend en er kwam maar geen einde aan. Dit gaat door in alle eeuwigheid. Terwijl ik dit overdacht, merkte ik dat ik tot mijn middel in een oceaan bevond. Ik keek om mij heen en zag de onmetelijkheid. Het zwarte water was gestold en ik kon mij dan ook niet bewegen. Er was geen spoor van leven te bespeuren. Dit gaat nooit meer over. Hier moet ik blijven tot in alle eeuwigheid. Kon ik maar verdrinken, Was er maar een zeemonster om mij te verscheuren. Dit is te veel. Ik ben onsterfelijk dacht ik en dit is mijn lot. Tot in alle eeuwigheid. Mijn schreeuw om hulp werd niet gehoord. Een licht gekreun dat ik alleen kon horen. Wat heb ik dan verkeerd gedaan, dacht ik. Deze straf zou ik zelfs Hitler niet toe durven wensen. Opnieuw ging de tijd aan mij voorbij, uren, dagen, jaren en eeuwen. Er was geen hoop. Dit was mijn lot. Ik accepteerde dat ik tot in alle eeuwigheid vervloekt was.  

Heel langzaam kom ik weer tot bewustzijn. Ik hoor Indiase meditatieve muziek en ik hoor een geluid dat op een soort rammelaar lijkt. Dan begin ik hysterisch te gillen, niet om de pijn van mijn verleden, neen alleen en uitsluitend om de horror die ik zojuist beleefd heb, kwijt te raken. Ik moet een half uur lang alleen maar gegild hebben. Dan maakt Sander de shamaan, contact. Het is ongeveer een uur geleden dat ik de medicatie heb ingenomen.  

 We gaan naar beneden. Daar vinden we Mary die staat te trillen op haar pootjes. Ze heeft alles meebeleefd natuurlijk. Wantrouwig kijkt ze naar Sander, dan weer naar mij en opnieuw naar Sander. Waarom heb je Peter pijn gedaan? Die vraag staat duidelijk in haar ogen te lezen. 

Wat heb ik geleerd van deze ervaring. Als het eind gekomen is, laat alles los, maak je niet druk om wat er met je bezit gebeurt, vergeet je verlangen erkend te worden als een eerlijk mens. Dit alles doet er niet meer toe. Alles tijdens je leven was slechts een droom. Hoe die droom ontstaan is, zal altijd wel een mysterie blijven. Wat belangrijk is, is dat je uit de droom ontwaakt. 


- Peter Roozendaal

Het hart was diep zwart


Het hart was diep zwart

als een donkere holte.

Je wist - het touw ligt dáár-

Je vraag je af: hoe gaat de lus,

is de balk sterk genoeg? want

in één keer moet het klaar.

Zo zwart was het, zó koud,

onnoemlijk koud, je lichaam bevroren

en geplakt aan de bank.

Nee, nee, niet opstaan nu.

Langzaam verdwijnen ook gedachtes.

Zelfs het hoofd wordt een zwart gat

dat leeg en los op het lichaam staat.

Er is slechts één gedachte die nog draait

De dood een verlossing?

Kom maar, kom maar

is dat wat hij gebaart?

Doodstil zit je, de bank vasthoudend

onwetend en verloren in de tijd.

Hou vast, blijf stil, sta niet op!

Deze hel, hij gaat voorbij.

Na hoeveel uren?

in totale leegte

gaat er iets stromen, zomaar

Het geeft je warmte,

je wordt het gewaar.

De zon schijnt rechtstreeks

sterk door je raam

op je huid, op je armen,

je voelt 'm strijken

als een troostende hand

die je bloed weer laat stromen,

je hart bereikt en ook je gevoel.

Hoe is het mogelijk

dat ik dit vreselijke, dit doodse

weer te boven ben gekomen.


- Sytske van Bochove

Nat gras


Een prachtige dag

De zon schijnt uitbundig

Het gehemelte is stil

Één vliegtuig slechts

trekt geluidloos een streep.

Er zoemen bijen…

Vanaf de dijk spot ik

een prachtig veldje

groen te midden van

het natte paarse kwelderland.

Dáár wil ik heen

met mijn lief

de liefde bedrijven

in deze stille oneindigheid.

Hij had bezwaren

Kende de vogelaars

uit eigen ervaren…

die liggen ook in het gras

met een kijker voor ver

aan hun ogen.

Maar de lust was sterker.

Ik kreeg hem neergevleid

op dit kleine stukje gras.

Het was nat gras.

Dat kon je verwachten

op dit eiland,

Op Ameland.


- Sytske van Bochove

4 keer bekeken